De mantel van Liefde

Elke ochtend als de koningin opstond, keek ze door haar raam naar buiten en zei tegen de koning: "Wij leven in een paradijs".
Dan opende de koning zijn ogen en fluisterde: "Ja lieverd, wat heerlijk hè".
En het was waar wat de koning en de koningin zeiden: hun land was een paradijs, een paradijs waarin mensen zichzelf mochten zijn, samenwerkten en steeds bezig waren met samen verder te komen. De koning en de koningin werkten hard en omdat ze niet overal tegelijk konden zijn, hadden ze mensen aangesteld die hielpen het land te besturen zodat het een paradijs zou blijven. Op een dag hoorden ze dat er een man was die de mensen ‘Liefde’ noemden omdat hij zo liefdevol was en zo goed en graag over liefde praatte.
De koning en de koningin vroegen of hij eens bij hen wilde komen en Liefde vertelde waarom hij zo van mensen hield en waarom mensen hem vertrouwden en hij zo goed met ze kon praten. Ze waren diep onder de indruk en de koningin vroeg: "Liefde, heb je ook ergens een hekel aan?" "Ja", zei Liefde, "Alle mensen die samenleven doen wel eens dingen naar elkaar die lelijk zijn, of de ander boos maken, verdrietig of bang, terwijl ze toch van elkaar houden en om elkaar geven. Ik wou dat ik wist waardoor ze dat nare konden vergeten, zodat ze verder kunnen met elkaar". Uit een oude kist haalde de koning een tovermantel en zei: " Als je praat met de mensen over wat ze voelen en daarna deze mantel over de boze, verdrietige en bange woorden heen legt, zijn de woorden verdwenen en vergeten en kunnen ze verder gaan"
Jarenlang trok Liefde door het land. Als de mensen het moeilijk hadden met elkaar vroegen ze Liefde om te komen met z’n mantel en daarna leefden ze weer verder door liefde.

Tot er een tijd kwam waarin de mensen zeiden dat ze haast hadden en dat al dat gepraat onzin was en dat Liefde z'n mond wel kon houden, dat ze alleen de màntel van Liefde nodig hadden. Eerst protesteerde Liefde, maar omdat hij zo graag wilde helpen en alles begreep, legde hij alleen de mantel over de pijnlijke woorden.
Maar de woorden brandden gaten in de mantel en Lìefde werd steeds stiller. Hij merkte dat de kracht van de mantel begon te minderen.
Toen de mantel grote gaten had gekregen, ging de kracht verloren en hielp hij niet meer. De vreselijke woorden kwamen terug in de gedachten van de mensen en ze bleven zitten met hun nare gevoelens.
Liefde ging verslagen op weg, terug naar de koning en de koningin om te vertellen wat er gebeurd was.
Liefde’s mantel was alleen nog rafels toen hij bij het kasteelpoort aan kwam.

"Vertel eens Liefde, "zei de koning. Maar Liefde had de afgelopen jaren zo weinig gepraat dat hij niet meer kòn praten.
De koning nam een penseel met rode verf en schilderde een mond op z’n gezicht: "Vertèl Liefde", zei hij vriendelijk.
En Liefde begon, een woordenstroom van boosheid, verdriet en angst omdat hij zo graag had gewild dat de mensen steeds weer verder zouden kunnen, konden vergeten en liefdevoller werden. De koning en de koningin luisterden en toen Liefde was uitgesproken, haalde de koningin een nieuwe mantel uit de kist en legde die over alle heftige woorden van Liefde. Toen ze de mantel weer optilde waren ze verdwenen.
Liefde zat doodmoe achterover en glimlachte. "Wat zit er in die penseel waarmee je mijn mond geschilderd hebt", vroeg hij toen zacht.
"Liefde", lachte de koning, "Jijzelf, Liefde! Door jezelf te zijn, er zelf te zijn, gaan mensen weer praten, vertellen over wat ze voelen, over wat ze zo graag hadden gewild en wat niet lukte. En dan werken jij en je mantel-van-liefde."
De volgende dag ging Liefde met z'n nieuwe mantel en met het penseel weer fluitend op weg.

Tekst: Boukje Overgaauw

e-max.it: your social media marketing partner
Top